Gedurende de bezetting van Nederland perkte de nazi bezetter de vrijheden van de Joden telkens in tot ze geen rechten meer hadden. Het begon met een verbod op het uitoefenen van diverse werkzaamheden en eindigde in een verplicht transport naar concentratiekampen in Oost Europa.

Poster Openbare Kennisgeving aanmeldingsplicht Joodse bloede, Baarn 18 februari 1941. Collectie Hilversum in de Oorlog.


Privefoto gemaakt door een onbekende fotograaf, van een ''Joden niet Gewenscht'' bord in Maartensdijk, Utrecht (nu Tuindorp), Collectie Hilversum in de Oorlog.

Meldplicht Joodse mensen

In begin 1941 werd er een nieuwe wet doorgezet door de Duitse bezetter. Alle mensen met een volle of gedeeltelijke Joodse achtergrond moesten zich aanmelden bij het bevolkingsregister in hun gemeente. Op deze manier konden de Duitsers indexeren wie er Joods was en waar ze woonden. Joodse mensen kregen een bewijs van aanmelding die ze bij zich moesten houden, soms werden ze  gestempeld door de Joodsche Raad. Het onderstaande bewijs van aanmelding was eigendom van Henri Emile Mossel. Mossel was een muzikant voor de AVRO voor de oorlog. Op 23 maart 1944 werd hij van Kamp Westerbork op transport gezet naar het concentratiekamp Auschwitz, enkele maanden later op 4 augustus 1944 stierf hij aldaar in Auschwitz III-Monowitz.

 

 

Bewijs van aanmelding Joodse bloede van muzikant Henri Emile Mossel. Collectie Hilversum in de Oorlog.

Joden niet gewenscht

In 1941 heeft de NSB'er Frederik Ernst Müller ervoor gezorgd dat in alle Utrechtse gemeenten borden geplaatst werden met teksten als ''Joden niet gewenscht'' of ''Beperkte bewegingsvrijheid voor Joden''. Het grootste deel van de dorpen hebben de borden geplaatst, maar er waren ook gemeentes hier op tegen. 

Persfoto van een '''Joden niet Gewenscht'' bord in Loenen aan de Vecht. Collectie Hilversum in de Oorlog.


Voor Joden verboden

Vanaf September 1941 kwamen er steeds meer anti-joodse maatregelen. Joden werden de toegang ontnomen in hotels, cafés, restaurants, bioscopen en allerlei andere instanties. Voor de winkels hingen kartonnen borden met ''Voor Joden verboden'', bij instanties buiten zoals dierentuinen, zwembaden en zelfs parken stonden soortgelijke borden van hout.

NSB persfoto, W.A. mannen bij de voorgevel van NV Richters Wijnhandel te Amsterdam met een ''Joden niet gewenscht'' bord in de vitrine. Collectie Hilversum in de Oorlog.


Joodse persoonsbewijs van Chejwet Litman, een Poolse Jodin die in Nederland woonde. Collectie M. De Die Le Clercq (persoonsbewijzen.nl)


Gele Davidster

Vanaf 3 mei 1942 moesten alle Joodse mensen in Nederland deze gele davidster dragen. Deze sterren, ook bekend als Jodensterren, moesten op kledingstukken genaaid worden zodat iedereen kon zien dat de drager ervan Joods was. Het is een van de vele antisemitische maatregelen die het nazibewind ingevoerd heeft.

De Joodse Raad kreeg de opdracht om ervoor te zorgen dat de sterren zo snel mogelijk bij de Joodse bevolking in Nederland terecht kwamen. Een ster was echter niet gratis: men moest 1 textielpunt en 4 cent per ster betalen om er een te ontvangen.

Wie weigerde de Jodenster te dragen of hem niet duidelijk zichtbaar op de linkerborst droeg, werd opgepakt. Door de sterren waren Joodse mensen makkelijk te herkennen. De nazi's probeerde een wig te drijven tussen de Nederlandse bevolking en de Nederlanders met een Joodse achtergrond.

Gedragen Jodenster. Collectie Hilversum in de Oorlog.

Kartonnen bord ''Voor Joden verboden'' uit het district van Arnhem, getekend door de Procureur-Generaal De Rijke. Collectie Hilversum in de Oorlog.

J op het Persoonsbewijs

In januari 1942 moesten alle Joodse mensen een grote J stempel op de voor- en achterkant van hun persoonsbewijs laten stempelen. Dit was verordonneerd door SS-Obergrüppenführer en politiechef Hans Rauter. Zo werd het de Duitsers makkelijker gemaakt om Joden te indentificeren voor deportaties.

Chejwet Litman

Mevrouw Litman was een Pools Joodse vrouw die in de jaren 30 met haar gezin naar Nederland is verhuisd. Op 15 februari 1945 is ze met haar man en drie kinderen vanuit kamp Westerbork op transport naar het concentratiekamp Bergen Belsen gezet, hier kwamen ze een dag later aan. Op 25 april 1945 werd het concentratiekamp bevrijd door de Britten. Heel het gezin heeft het overleefd. Na de oorlog zijn ze terug gekomen naar Amsterdam.

Voor meer informatie met betrekking tot de het persoonsbewijs, volg de volgende link: Het Persoonsbewijs

Flyer met informatie voor Amsterdamse Joden waar ze hun Jodensterren op moesten halen. Collectie Hilversum in de Oorlog.


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.